Skip to main content

Verschillende Datatypes

Doelstellingen

  • Kennismaken met de basisdatatypes in Python.
  • Leren hoe je het datatype van een variabele kunt identificeren.
  • Begrijpen hoe je tussen verschillende datatypes kunt converteren.

Inhoud

Basisdatatypes

  • Integers (int): Hele getallen, zoals 5, -3, 0.
  • Floats (float): Kommagetallen, zoals 3.14, -0.001.
  • Strings (str): Tekstuele data, zoals "Hallo", 'Python'.
  • Booleans (bool): True of False.

Het type van een variabele controleren

Gebruik de functie type().

x = 10
print(type(x))  # Output: <class 'int'>

Typeconversie

Je kunt gegevens van het ene type naar het andere converteren.

# Voorbeeld
a = "123"
b = int(a)      # Converteert string naar integer

Activiteiten

  • Oefening:

    • Maak variabelen van elk datatype aan.
    • Gebruik type() om hun datatype te controleren.
    • Probeer een string met een getal om te zetten naar een integer en vice versa.
  • Foutopsporing:

    • Wat gebeurt er als je probeert een woord om te zetten naar een integer?
    • woord = "hallo"
      getal = int(woord)
      

Tips

  • Wees voorzichtig met typeconversie om fouten te voorkomen.
  • Onthoud dat invoer van de gebruiker standaard als een string wordt opgeslagen.